Veilig werken op hoogte

De praktijk
Nieuwsartikel

Ladders, krukjes en steigers zijn er in verschillende soorten en maten. Welke wet- en regelgeving is er? En waar moet je op letten bij het kiezen, kopen en gebruiken?

Veilig werken op hoogte
Jaarlijks vallen er veel mensen van een ladder, met alle gevolgen van dien. Het goede nieuws is dat het aantal ongevallen met ladders in Nederland lager is dan in andere Europese landen. Waarschijnlijk heeft dit te maken met de hogere eisen die we in Nederland stellen aan ladders en trappen. Maar het slechte nieuws is dat het in Nederland ook nog om duizenden ongevallen per jaar gaat. Lees hier alles over de meest gevaarlijke valcategorieën.

Valgevaar voorkom je door de werkplek veilig en ordelijk in te richten en de arbeidsmiddelen veilig op te stellen en op een juiste manier te gebruiken. Maatregelen en voorzieningen die hiervoor kunnen dienen, staan beschreven in de Arbowet, Arbobesluit en Arbocatalogi. Een compleet overzicht over werken op hoogte vind je hier.

Hoe kies je het beste klimmateriaal?
Onder klimmaterialen wordt verstaan: alle producten die gebruikt worden om te werken op hoogte of het verkrijgen van toegang op hoogte, zoals opstapkrukjes, trappen, ladders, platforms en steigers.

  • Een opstapkruk is slechts een hulpmiddel voor het reiken naar een hoogte van minder dan 3 meter.
  • Een trap heeft een maximaal bereik van 5 meter.
  • Een ladder heeft een maximale stahoogte van 7,5 meter. De sta tijd mag maximaal 2 uur zijn en de reikwijdte niet meer dan 1 meter.

Opstapjes, krukjes, ladders, loopbruggen en dergelijke zijn eigenlijk niet om op hoogte te werken, maar om op hoogte te komen. Het zijn de platformen, steigers en hoogwerkers die mensen goed beschermen tegen vallen en waarop je dus kunt werken.
Om op hoogte te komen (en dus niet om er te werken) heb je de volgende mogelijkheden:

  • Opstapjes en krukjes (norm EN 14183)
  • Huishoudtrappen en professionele trappen (norm EN 131)
  • Ladders, schuifladders, reformladders en vouwladders (norm EN 131)
  • Vaste of verrijdbare loopbruggen en vaste trappen (norm EN ISO 14122)
  • Vluchtladders (norm EN ISO 14122)

Het werken op hoogte kan op verschillende manieren:

  • Rolplatforms (norm EN ISO 14122 en EN 131)
  • Aluminium steigers (norm EN 1004)
  • Elektrische hoogwerkers (norm EN 280)

Europese en Nederlandse normen
Volgens Europese regelwetgeving is bij klimmateriaal de norm EN131 vereist. De Nederlandse regering heeft echter besloten dat deze norm onvoldoende veiligheid biedt. In Nederland moeten om die reden alle ladders, vouwladders en trappen voldoen aan het Besluit Draagbaar klimmaterieel uit de Warenwet.

Daarnaast geldt voor klimmateriaal dat professioneel gebruikt wordt, de norm NEN 2484. Deze norm bevat aanvullende testen die niet opgenomen zijn in de Warenwet, bijvoorbeeld belasting- en duurzaamheidstest.

Voor opstapjes en opstapbordessen zijn minimale eisen geformuleerd. Deze staan in de norm NEN-EN 14183

De norm EN-ISO 14122 is van toepassing op overstapbordessen, vluchtladders en gevelladders.

Voor rolsteigers geldt de kwaliteitsnorm EN 1004. De regels en richtlijnen voor opbouw en gebruik van rolsteigers zijn vastgelegd in de norm EN 1298.

Leidraad Veilig werken op hoogte
Overigens heeft VNO-NCW samen met onder meer FME-CWM (metaal), AVBB (bouw) en OSB (schoonmaak) een ‘Leidraad Veilg werken op hoogte‘ ontwikkeld.

Dat is een handreiking voor werkgevers en werknemers bij het beoordelen van de vraag of het gebruik van de ladder als werkplek geoorloofd is. Over deze leidraad werd ook met de drie vakcentrales FNV, CNV en MHP en met het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid overeenstemming bereikt.

Aanwijzingen veilig gebruik ladder
Hieronder volgen aanwijzingen voor het opstellen en veilig gebruik van de ladder (veelal zijn deze ook van toepassing op een trap).

  • Er moet voldoende vrije ruimte zijn voor plaatsing van een ladder en het gebruik bij windkracht 6 of hoger is niet toegestaan;
  • Een ladder moet worden opgesteld onder een hoek van ca. 75 graden (een vuistregel is om de tenen tegen de onderkant van de ladder te plaatsen en de ladder met gestrekte armen recht vooruit te pakken);
  • Een ladder moet aan de onderzijde niet kunnen wegzakken of uitglijden; zonodig de ladder voorzien van een stabiliteitbalk;
  • Een ladder moet aan de bovenzijde tegen zijdelings wegglijden worden geborgd; eventueel moet de ladder worden vastgezet met een touw;
  • Een ladder moet tenminste een meter uitsteken boven de plaats waartoe hij toegang geeft. Bij het afstappen van de ladder op hoogte moet er een deugdelijke steun zijn.
  • Plaats een ladder niet op een hellend vlak, een zachte oneffen of gladde ondergrond, op een tafel of kist, achterstevoren of ondersteboven;
  • Sporten en ladderschoenen schoon houden; de ladder niet beklimmen met gladde of vervuilde zolen;
  • Beklim een ladder met het gezicht naar de ladder toe en gebruik twee handen; materiaal en gereedschap kunnen beter met een touw omhoog worden gebracht;
  • De toegang van de ladders steeds vrijhouden van obstakels, zonodig markeren met schrikhekken;
  • Sluit een deur af of blokkeer de doorgang als u een ladder voor een deur moet plaatsen;
  • Plaats metalen ladders nooit in de buurt van onder spanning staande blanke delen; houd minimaal een afstand van twee meter aan of gebruik een geïsoleerde ladder (hout/ kunststof);
  • Reik nooit te ver buiten de ladder en steun nooit met een voet (op bijvoorbeeld) een raamkozijn of dorpel; de ladder kan gaan schuiven;
  • Plaats een ladder niet direct tegen een raam; gebruik in dit geval dwarssteunen;
  • Beklim een ladder of trap (zonder platform) nooit hoger dan de vierde tree van boven;
  • Uit overwegingen van veiligheid voor het publiek, met name kinderen, mogen ladders niet onbeheerd worden achtergelaten.

Bron: Arbocatalogus Bouw en Infra/VNO

Lees meer op overzichtspagina Preventie