Risico’s die niet in de RI&E staan: vrijwilligers

Werkwijze
Achtergrondartikel

Iedere werkgever met personeel in dienst waarover hij gezag voert, is volgens de Arbowet verplicht een RI&E uit te voeren. Maar hoe zit dat met vrijwilligers? In dit artikel gaan we in op vrijwilligerswerk en arbo, de verplichtingen inzake de RI&E en de mogelijkheden hierin voor preventiemedewerkers.

Diverse organisaties werken met vrijwilligers. Bijvoorbeeld vrijwilligers die bejaarden ophalen voor een uitje, een toernooi organiseren voor de sportvereniging of rondleidingen geven op een landgoed. Vrijwilligers hebben te maken met arborisico’s. Denk bijvoorbeeld aan de hoge geluidsniveaus tijdens het uitdelen van flyers op een festival of het valgevaar tijdens het klussen op de basisschool.

De klassieke vrijwilliger en nieuwe vrijwilliger

Een vrijwilliger is volgens Wikipedia iemand die uit vrije wil werkzaamheden verricht, buiten een vast dienstverband. In het algemeen zijn deze werkzaamheden onbetaald of staat er een vergoeding tegenover die lager ligt dan het minimumloon bij betaald werk. Daarbij wordt een onderscheid gemaakt tussen de klassieke en de nieuwe vrijwilliger. De klassieke vrijwilliger werkt jarenlang in dezelfde organisatie. Zijn of haar motivatie wordt vaak gelinkt aan sociale aspecten. Hij blijft bij de organisatie, omdat de andere vrijwilligers (inmiddels) vrienden zijn en/of omdat hij het werk gewoonweg al jaren doet. De nieuwe vrijwilliger gaat eerder "shoppen" en neemt een engagement op met een specifiek doel, zoals iets leren of een problematiek oplossen. Op arbogebied is dit interessant. Het betekent dat vrijwilligers vaker in verschillende werkomstandigheden verkeren en met een diversiteit van arborisico’s in aanraking kunnen komen. Voor de betreffende werkgevers betekent het dat ze een wisselend personeelsbestand hebben. Er zijn vaker nieuwe vrijwilligers die de organisatie, het beleid en de praktijk nog niet (goed) kennen.

RI&E voor vrijwilligers verplicht?

Voor 1 januari 2007 vielen vrijwilligers volledig onder de Arbowet. Alle verplichtingen uit de Arbowet, zoals het geven van voorlichting en het inventariseren van de risico’s in het werk (de RI&E), waren ook van toepassing voor vrijwilligers. In 2007 is een ‘knip’ gemaakt. Sindsdien is de werkgever alleen verplicht om voor vrijwilligers een RI&E uit te voeren als gewerkt wordt met gevaarlijke stoffen en biologische agentia. Gevaarlijke stoffen zijn bijvoorbeeld oplosmiddelen, brandbare stoffen, kankerverwekkende stoffen of stoffen die irritatie kunnen veroorzaken. Bij het werken met biologische agentia bestaat het risico om een infectieziekte op te lopen. Voorbeelden van biologische agentia zijn schimmels, bacteriën of virussen in bloed, spuug of uitwerpselen. Een organisatie die alleen vrijwilligers in dienst heeft, is dus alleen verplicht een RI&E uit te voeren als gewerkt wordt met gevaarlijke stoffen en/of biologische agentia. Voor andere ernstige risico’s moet de werkgever zorgen dat vrijwilligers veilig kunnen werken door middel van veiligheidsinstructies, voorlichting en het beschikbaar stellen van beschermingsmiddelen. Ernstige risico’s zijn volgens de Arbowet naast de eerder genoemde gevaarlijke stoffen en biologische agentia, het werken:

  • op hoogte (boven de 2,5 meter)
  • met onveilige en niet deugdelijke arbeidsmiddelen
  • met hijs- en hefwerktuigen
  • op een bouwplaats
  • met grote fysieke belasting, inclusief het werken onder hoge druk
  • met geluidsbelastingen boven 85 dB
  • onder extreme temperaturen

Als vrijwilligers ‘kleine’ klussen doen, zoals helpen bij een verhuizing, verbouwing of onderhoud, dan kunnen zij te maken krijgen met de genoemde ernstige risico’s.

Kwetsbare groepen

Volgens de Arbowet moet een organisatie extra aandacht geven aan kwetsbare groepen. Kwetsbare groepen zijn jongeren onder de 18 jaar, zwangeren en vrouwen die borstvoeding geven. Dit geldt ook voor vrijwilligers. Het gaat om veiligheidsinstructies, aanpassingen van de werkplek, de lichamelijke belasting, de mate en duur van blootstelling aan gevaarlijke stoffen en biologische agentia en andere specifieke gevaren en behoeften van deze groepen. Denk bijvoorbeeld aan het voorkomen van zwaar tilwerk en het voorzien in een rustruimte voor zwangere vrijwilligers en vrijwilligers die borstvoeding geven. Bij het werken met en voor minderjarigen, is een veilige omgeving essentieel. Denk bijvoorbeeld aan maatregelen om seksueel misbruik te voorkomen. Voor sportclubs en verenigingen komt daar steeds meer aandacht voor. Een belangrijk project in dit kader is het project ‘In veilige handen’.

Zorgplicht geldt voor iedereen

Een werkgever is verantwoordelijk en aansprakelijk voor veilige en gezonde werkomstandigheden voor de medewerkers en ook voor de vrijwilligers onder hen. Deze zorgplicht staat beschreven in het Burgerlijk Wetboek. Om invulling te geven aan deze verantwoordelijkheid ligt het voor de hand dat je alle arborisico’s in beeld heeft, ook van de vrijwilligers. Denk daarbij in logische scenario’s. De vrijwilliger die werkt met groepen kan te maken krijgen met agressief gedrag. Voor de vrijwilliger die wilgen aan het knotten is, zijn snijgevaar en gevaar van vallend hout risico’s. Het gaat erom dat beide vrijwilligers bewust zijn van de risico’s en weten hoe zij zich daartegen kunnen beschermen. In geval van ongevallen of calamiteiten moeten zij ook weten hoe te handelen. Het is belangrijk dat snel hulp ingeschakeld kan worden. Dit laatste geldt in het bijzonder voor grote evenementen, sportwedstrijden of manifestaties met grote groepen bezoekers. De organisator is verantwoordelijk voor de veiligheid van bezoekers. Een overheidsinstantie die de vergunning hiertoe verleent zal vaak extra eisen stellen. Soms zal ook een verzekeraar extra eisen stellen.

Wat kun je als preventiemedewerker doen?

De preventiemedewerker heeft als taak om zich bezig te houden met de RI&E en de daaruit voortvloeiende maatregelen. Volgens de Arbowet hoef je de vrijwilligers alleen mee te nemen in de RI&E als gewerkt wordt met gevaarlijke stoffen en biologische agentia. Toch doe je er verstandig aan om alle risico’s van het vrijwilligerswerk in de RI&E mee te nemen of de risico’s van het vrijwilligerswerk apart in kaart te brengen. 

Kleine organisaties kunnen gebruik maken van de checklist gezondheidsrisicos (max 40 uur personeel in dienst). Voor organisaties met meer dan 40 uur aan personeel in dienst is deze checklist niet voldoende. Kijk ook of er een RI&E beschikbaar is voor je branche (zie www.rie.nl). Dan weet je zeker dat de belangrijkste risico’s van het werk in kaart brengt. Betrek ook de vrijwilligers zelf bij de RI&E. Kijk samen naar de mogelijke risico’s en welke maatregelen het best genomen kunnen worden om de risico’s weg te nemen. Denk daarbij aan preventieve maatregelen, maatregelen die bescherming bieden, de handelswijze in geval van ongevallen of calamiteiten en maak ook afspraken over de verzekering.

Gezonde aandacht voor de arbeidsomstandigheden van vrijwilligers loont

Je wilt ongelukken voorkomen. Ook op en aansprakelijkheidskwesties zit je niet te wachten. En bovenal wil je dat vrijwilligers veilig, gezond en fijn hun werk kunnen doen. Dat is niet alleen goed voor de vrijwilligers, maar ook voor het imago van de organisatie. Vrijwilligers voelen zich serieus genomen als de organisatie zorg besteedt aan een veilige en prettige werkomgeving. En dat vertellen zij natuurlijk verder.

Extra informatie

https://vrijwilligerswerk.nl/themas/wettenenregels/dossiers/veiligearbeidsomstandigheden/default.aspx

 

 

Lees meer op overzichtspagina RI&E