Zonder PAGO-advies is de RI&E niet compleet

Werkwijze
Achtergrondartikel

Regelmatig komt het voor dat er in het definitieve RI&E-rapport geen advies over het periodiek arbeidsgezondheidskundig onderzoek (PAGO) is opgenomen. Of het advies ontbreekt in z’n geheel of er staat een alinea tekst die eigenlijk ontoereikend is: iets in de strekking van ‘overleg met uw bedrijfsarts en/of arbodienst over het inrichtingen van een PAGO.’ Terwijl een werkgever verplicht is een PAGO aan te bieden aan werknemers die risico’s lopen.

Een andere situatie die veel voorkomt is dat er wel wordt vermeld welke onderzoeken er uitgevoerd moeten worden, maar dat onduidelijk is voor welke functiegroepen die wenselijk is. Of dat de frequentie van uitvoeren van deze onderzoeken ontbreekt (bijvoorbeeld: moet het onderzoek jaarlijks uitgevoerd worden of eens in de vier jaar).

Een derde regelmatig voorkomende praktijksituatie is dat de bedrijfsarts helemaal niet bij de RI&E en het PAGO-advies betrokken is. In veel situaties is het PAGO-advies dan opgesteld door alleen een arbodeskundige. Het is altijd raadzaam om de bedrijfsarts actief bij dit onderdeel te betrekken. Hij/zij kent het bedrijf vanuit een andere invalshoek (verzuimspreekuren, arbeidsomstandighedenconsulten, Sociaal Medisch Teamoverleg of rondgang). Vanuit deze twee invalshoeken (arbodeskundige en bedrijfsarts) en vanuit de eigen deskundigheid zou dan een gezamenlijk PAGO-advies opgesteld kunnen worden.

Waarom een PAGO-advies

In de RI&E worden alle aanwezige risico’s in het werk vastgelegd. Tevens worden aanbevelingen/adviezen gegeven hoe deze risico’s te reduceren zijn. Indien de risico’s niet geheel weg te nemen zijn, spreken we over een zogenaamd restrisico. Het PAGO zal dan periodiek uitgevoerd moeten worden om te achterhalen of het restrisico ook tot eventuele (blijvende) gezondheidsschade kan leiden.

Een PAGO is dus altijd gekoppeld aan de functierisico’s en de eventuele gevaren die iemand loopt. Algemene gezondheidsonderzoeken zoals bloedprikken in verband met cholesterolbepaling en ook een hartfilm passen strikt genomen dus ook niet binnen het PAGO.

Meest gegeven PAGO-advies

In onderstaande tabel zijn de meest gegeven PAGO-adviezen weergegeven.

Blootstelling aan

PAGO-advies

Lawaai boven de 80 db

Audiogram/gehooronderzoek

Langdurig beeldschermwerk

Beeldschermvisus

Houding- en bewegingsapparaatklachten inventariseren (veelal via een vragenlijst)

Stof

Longfunctie

Werkdruk

Stress-effecten inventariseren (veelal via een vragenlijst): piekeren, herstelbehoefte, slaapkwaliteit, etc.

Gevaarlijke stoffen*

Gericht bloed en/of urineonderzoek

Biologische agentia*

Gericht bloed en/of urineonderzoek

*bij zowel gevaarlijke stoffen alsook biologische agentia zou per stof de mate van blootstelling berekend moeten worden en bekeken worden welk bloed/urine onderzoek wenselijk is. In de praktijk wordt soms gekozen voor een algemeen bloedonderzoek, echter de ongunstige uitkomsten zeggen dan niet altijd iets over de specifieke stof. Een gunstige uitkomst kan daarentegen juist ‘schijnzekerheid’ geven. Het uiteraard beter om een gericht bloedonderzoek uit te voeren als de stof bekend is. indien dit niet het geval is kun je maar beter geen bloedonderzoek doen dan een algemeen bloedonderzoek.

Voor diverse gevaarlijke stoffen is het echter ook mogelijk om blootstelling te beoordelen in een biologisch medium, dit wordt biologische monitoring genoemd. Bij biologische monitoring wordt de chemische stof zelf of zijn afbraakproduct(en) in een medium zoals urine, bloed, ademhalingslucht en zweet bepaald als indicator van de opname van de gevaarlijke stof. Dit is een alternatief waarbij het onderzoek uit het PAGO gehaald wordt.

In de praktijk wordt een PAGO vaak uitgebreid met andere onderzoeken die meer gericht zijn op leefstijl en duurzame inzetbaarheid. Dit is echter geen verplichting voor een werkgever.

Periodiciteit

Het onderzoek moet periodiek aan de medewerkers worden aangeboden. De wet schrijft niet voor hoe vaak het onderzoek moet worden herhaald, omdat dit afhangt van de aard, frequentie en/of omvang van de risico’s. De periodiciteit kan verschillen voor diverse risico’s. Een audiogram kan bijvoorbeeld iedere twee jaar uitgevoerd worden, bloedonderzoek elk jaar en voor een beeldschermvisus is vaak eens per vier jaar voldoende.

Deelname

De deelname aan een PAGO is vrijwillig. Wel moet de werkgever het verplicht aanbieden aan de medewerkers die blootgesteld worden aan de risico’s. Het gaat hierbij om alle medewerkers die op de loonlijst staan en blootgesteld worden aan de risico’s.

Als er genoeg medewerkers deelnemen zijn er naast individuele adviezen ook algemene bevindingen en adviezen te geven. De algemene ondergrens is minimaal 15 deelnemers, zodoende kan de privacy gewaarborgd worden. Dat maakt het PAGO een interessante monitor en preventiemiddel.

Groepsrapportages kunnen opgesteld worden middels omvangrijke word-bestanden, maar tegenwoordig wordt het steeds visueler vormgegeven in powerpoint of middels infographics. Deze laatste twee zijn dan ook direct te gebruiken voor de terugkoppeling naar medewerkers. Hier is vaak behoefte aan en daarnaast zorgt een goede terugkoppeling ook voor meer betrokkenheid. Tevens vergroot dat een hogere deelname bij een volgende keer. Een veel gehoorde klacht na onderzoeken is namelijk ‘we horen er nooit meer iets over’.

PMO

Bij een PMO worden ook andere aspecten meegenomen, zoals bijvoorbeeld leefstijl en algemene gezondheid.  Dit gaat dus veel breder dan de functierisico’s.  Om de deelname aan een PAGO te vergroten kan het functiegerichte onderzoek uiteraard uitgebouwd worden met PMO-aspecten, zoals cholesterol, bloeddruk, BMI, etc.

Lees meer op overzichtspagina RI&E