Na de coronamaatregelen is de werkdruk weer terug

De werk-privébalans was in 2020 beter in evenwicht door het thuiswerken, omdat ouders dichter en vaker bij hun kinderen waren, de reistijd kon aan andere zaken worden besteed en de lunchpauze werd gebruikt voor huishoudelijke zaken of sporten.

Het welzijn onder werknemers is in 2021 licht gedaald en daalt naar verwachting in 2022 verder. In 2020, het jaar van de corona-uitbraak in Nederland, nam het welzijn van werknemers nog met maar liefst 12 procent toe. Het welzijn nam in 2021 licht af met 2 procent. De werkdruk is hoger, burn-outklachten liggen weer op het niveau van voor corona en de loonkloof tussen managers en overig personeel groeit. Dat blijkt uit de tweede welzijnsmonitor van ABN AMRO.

De coronamaatregelen zorgden ervoor dat werknemers minder in de auto zaten, minder op zakenreis gingen en een betere werk-privébalans hadden. Dit leidde tot een toename van het welzijn onder medewerkers van bedrijven. ABN AMRO schaart in de sectorale welzijnsmonitor gelijke kansen, persoonlijke ontwikkeling en werk-privébalans onder het welzijn op het werk.

Werknemerswelzijn in tijden van personeelstekorten

Welzijn is belangrijk voor het aantrekken en vasthouden van personeel. Minder aandacht daarvoor heeft gevolgen voor de werknemers, maar ook voor het voortbestaan van een bedrijf. Juist nu het bedrijven nauwelijks lukt personeel te krijgen, is het welzijn van medewerkers aan het afnemen. De werkdruk is hoger, burn-outklachten liggen weer op het niveau van voor corona en de loonkloof tussen de werkvloer en de top neemt toe.

In totaal nam het welzijn van werknemers in 2021 met 2 procent af, waarbij de afname nog werd gedempt door positieve zaken als een afnemend risico op baanverlies. Toch was het gevoel per saldo minder positief dan in het 2020 toen het welzijn ten opzichte van 2019 juist flink was toegenomen. Het lijkt er dan ook op dat pijnlijk zichtbaar wordt wat de gevolgen van een economische opleving in combinatie met arbeidsmarkttekorten zijn voor het welzijn van werknemers.

Groei en welzijn

Uit de welzijnsmonitor van ABN AMRO wordt met name in de laatste twee jaar duidelijk dat het welzijn van werknemers haaks staat op de economische ontwikkeling; zodra de economische groei afneemt, stijgt het welzijn van werknemers, en vice versa. In 2020 kromp de economie en steeg het welzijn, in 2021 is dit precies andersom. Groei en welzijn gaan nu eenmaal niet altijd samen, dat is bekend. Een werknemer die veel moet overwerken, laat zijn sociale leven versloffen, omdat hij minder tijd voor zijn gezin en vrienden heeft.

Pijnlijk is dan ook te zien dat we als maatschappij niet in staat zijn gebleken de welzijnswinst van 2020 volledig vast te houden. De werk-privébalans was in 2020 beter in evenwicht door het thuiswerken, omdat ouders dichter en vaker bij hun kinderen waren, de reistijd kon aan andere zaken worden besteed en de lunchpauze werd gebruikt voor huishoudelijke zaken of sporten.

Afname autonomie

Ondanks dat de pandemie nog voor een groot deel van het jaar aanwezig was, zijn veel ongewenste bewegingen in 2021 teruggekeerd. Werknemers hebben over een breed front ingeboet aan autonomie, een factor die als belangrijk voor het welzijn wordt aangemerkt. Zo wordt de mogelijkheid om zelf oplossingen te bedenken lager gewaardeerd, net als het kunnen bepalen van de volgorde van en het tempo waarin het werk kan worden gedaan.

Meer werknemers hebben bovendien het gevoel dat het werk veeleisend is, en meer dan 15 procent van de werknemers ervaart meer dan maandelijks complete uitputting. Deze resultaten zorgen ervoor dat niet alleen het verzuimpercentage toeneemt, maar ook de termijn van het verzuim, van gemiddeld 7,5 dagen naar iets meer dan 8 dagen, een niveau dat in ieder geval vanaf 2014 nooit bereikt is. Meer dan 8 procent van de werknemers had zelfs 20 verzuimdagen of meer, wederom een recordniveau ten opzichte van de afgelopen jaren. In de sectoren zorg en transport & logistiek ligt het verzuim zelfs rond de 12 procent.

Bron: ABN AMRO

Algemeen sociale veiligheid